Vanaf 6 november
2009 t/m 3 januari 2010 is er in de Remonstrantse kerk aan de voorstraat
te Sommelsdijk de volgende tentoonstelling te zien: Wanneer precies zijn interesse
voor iconen begonnen is, weet hij niet. Maar al tijdens zijn studie theologie
werd hij er door gefascineerd. Later bij het bezoeken van Oosterse kerken,
het bekijken van exposities en het lezen over de wereld van de iconen,
groeide zijn belangstelling. Misschien is de beeldtaal van deze ‘vensters
naar de hemel’ wel ter compensatie van de protestantse Woord-cultuur waarin
hij opgroeide en die hem trouwens nog steeds zeer lief is. Misschien is
het de mystieke uitstraling uit een andere wereld die hem aantrekt. En
misschien is het ook gewoon het feit dat iconen ‘hun’ verhaal vertellen
dat deel uitmaakt van de christelijke traditie. In elk geval: hij begon
ze te verzamelen. Op markten en vooral via internet kocht hij -op goed
geluk- voor hem bijzondere exemplaren. |
||
Geert Hüsstege in zijn gallery te Haaren
lle iconen zijn een vehikel van het evangelie", zegt iconenschilder en theoloog Jan Verdonk(59). "De heiligen of gebeurtenissen op de icoon staan allemaal in relatie tot Christus. Iconen zijn christocentrisch.." .
"Een icoon houdt op een icoon te zijn zodra je met de iconentraditie breekt", zegt Verdonk.
Is het niet saai telkens dezelfde soort iconen te schilderen?
2
‘Iconen zijn hier niet toevallig terechtgekomen’
Anette Warringa in " Tussenbeide"
Iconen zijn in opkomst. Hun kleuren verwarmen de wat kille bouwstijl uit de late twintigste eeuw. Op zoek naar nieuwe spirituele diepte, lijkt de jonge 21e eeuw steun te vinden bij deze tijdloze beeldtraditie, waaruit twaalfhonderd jaar geleden al het niet-goddelijke werd weggeëtst.
Geert Hüsstege werkt al anderhalf jaar in het Groene Hart. Hij is Nederlands beroemdste iconenschilder en geldt internationaal als groot kenner van iconen. Oorspronkelijk restaurateur, kreeg hij zijn opleiding onder meer bij een Russische monnik in Wenen. Daardoor is hij erfgenaam van een oeroude traditie.
Niet de icoon, maar Christus
De oorsprong van de iconografie verliest zich in de verte van het verleden, vertelt hij. Er zijn aanwijzingen dat ze voortkwam uit de Egyptische Fayoem-mummieportretten uit de laat-Romeinse tijd. De vorm waarin we haar nu nog kennen stamt uit de achtste en negende eeuw. Toen herrees ze als een Phoenix uit haar as na een hevige beeldenstorm, waarin christenen alle iconen hadden vernietigd omdat ze deze strijdig achtten met het Tweede Gebod. De nieuwe beeldcultuur moest theologisch verantwoord zijn tot in de kleinste details, om haar tegenstanders te kunnen overtuigen. Niet artistieke waarde of gelijkenis telde, maar de mate waarin het beeld de toeschouwer in contact wist te brengen met Christus. Niet de icoon maar Hij was het, die moest worden aanbeden. De ontwerpen werden zeer streng gereguleerd.
De nieuwe iconenstijl hield stand en verouderde sindsdien niet. Tot ongeveer het jaar 1000 was ze algemeen in heel Noord-Afrika, Klein-Azië en Europa. Daarna ontwikkelde ze zich vooral verder in Griekenland en nog later in Rusland.
Verlangen naar integriteit
In de twintigste eeuw leidde het communisme in Oost-Europa tot smokkel van talloze kostbare iconen naar het westen. Vele verdwenen in de handel, andere kregen een plaats in een kerk of een kloosterkapel. Weer andere zijn inmiddels teruggegeven aan hun land van herkomst. Hüsstege denkt wel eens dat de iconenkunst niet zómaar naar het westen kwam: ‘Ze kwamen als het ware op tijd voor de verwarde periode na het Tweede Vaticaans Concilie, waarin we ons nu nog bevinden. De kerk moet zich opnieuw oriënteren op de wijze waarop ze zich in beelden wil uiten. Weer beleven we een tijd van zuivering, kritisch kijken en terugzoeken van het oorspronkelijke, net als na de achtste eeuw. De iconentraditie is ontstaan vanuit een sterk verlangen naar integriteit. Tegenstellingen oversteeg ze en het contact tussen heiligen en hun toeschouwers wist ze te herstellen. Ze had op geen beter moment naar ons toe kunnen komen.’
Nu groeit de traditie dus verder in Nederland, en Hüsstege’s atelier, aan een hoge dijk bij Leimuiden, is een nieuwe, sterke loot aan de oude stam.
A.W.
3
“Iconen
zijn als een muziekstuk, dat je steeds op een andere manier kunt spelen”
Geert Hüsstege, iconenschilder
In Pokrof 2004, 3 verscheen een artikel waarin een cursusgroep van Hüsstege werd gevolgd bij het schilderen. In dit nummer laten redactielid Dolf Bruinsma en Heleen Koesen, arabiste van haar vak en lid van de Pokrofgemeenschap te Amsterdam, ons kennis maken met een van de icoonschilders die Nederland rijk is, Geert Hüsstege, en ook met zijn vrouw Angélique, die het werk mee draagt. Over het ‘handschrift’ van de schilder, de vrijheid bij het schilderen en de manier waarop iconen een plek hebben verworven in het Westen.
Een
eigen ‘handschrift’
Hoe het zo gekomen is , is de onvermijdelijke eerste
vraag. In Geerts verleden liggen een noviciaat bij de Norbertijnen in Postel
(België) en een opleiding tot restaurateur. Gaandeweg ging het restaureren van
iconen hem steeds meer interesseren en ging hij ze zelf schilderen. Hij volgde
privélessen in Wenen. Een en ander breidde zich uit tot het geven van cursussen,
onder andere hier in Leimuiden, maar ook in andere plaatsen. Genoemd worden:
Roermond, Tegelen, Voorburg. Tijdens een van de cursussen heeft hij Angélique
leren kennen. Ze assisteert hem bij de cursussen. “Op de achtergrond”, zegt
ze zelf.
Geert houdt zich tevens bezig met verkoop - een bron van inkomsten -,
maar loopt niet fanatiek de beurzen af. Hij wordt ook wel als expert geraadpleegd.
Iconen, je hebt ze in vele soorten, maar de Russische stijl trekt hem het meest,
met zijn sobere ingetogenheid en zijn verhevenheid, anders dan de meer heldere
kleuren en scherpe contouren van bijvoorbeeld de Griekse iconen.
Een iconenschilder aan het werk, wat kunnen we ons daarbij voorstellen?
“Het eerste doel is”, zegt Geert, “een directe ontroering bewerkstelligen
bij de beschouwer. Er moet ‘contact’ zijn. De voorstelling moet daarom niet
te ingewikkeld zijn: niet te veel taferelen en symbolen; hoewel de technische
uitdaging om iets gecompliceerders te maken, wel een rol kan spelen.” Voor iconen
met veel details, met uitgewerkte symboliek, of een heiligenleven met veel plaatjes
voelt hij overigens niet veel. “De iconenschilder geeft een bepaalde stem aan
datgene wat hij wil overbrengen. Al doende ontwikkelt hij een ‘handschrift’.”
Geert schildert tijdens de cursussen en hij doet het thuis. In het laatste
geval graag in de middag, en het liefst als hij zich een langere periode kan
concentreren: steeds een kwartier lang concentratie, en dan weer een paar minuten
ontspanning. Het schilderen als gebed is een omschrijving die je vaak hoort.
“Bij het schilderen breng je je in een toestand van gebed – muziek kan hierbij
helpen - en terwijl je schildert, blijf je in gebed.”
Is dat niet in tegenspraak met het doen, wat schilderen eigenlijk
is? Het werken met verf en materialen lijkt ons weinig meditatief. “Het
goddelijke verschijnt in kleuren en lijnen; het schilderen zelf is zodoende
een meditatie.”
Geliefde
afbeeldingen
Zijn er ook favoriete onderwerpen voor Geert Hüsstege?
Geert houdt erg van de voorstelling van de Moeder Gods van Tederheid. “Dit geldt
trouwens ook voor veel cursisten. Voordat een cursus begint, wordt vaak druk
‘gelobbyd’ om de voorstelling waaraan men gaat werken. Moeder Gods-afbeeldingen
zijn geliefd. Voor cursussen mogen de voorstellingen niet te ingewikkeld zijn.
Een voorstelling als bij voorbeeld de N’eopalimaja Kupina (de Onverbrandbare
Braamstruik, zie de voorzijde en de meditatie door Renger Prent) is dan niet
haalbaar.” Angélique houdt het meeste van het Mandylion , eigenlijk
de oer-icoon, de eerste maal dat de Menswording verschijnt in een afbeelding.
“En”,
zegt Geert, “als je in deze van tendensen mag spreken: de laatste tijd is er
veel aandacht voor het idee van de mens als beeld van God”.
De
icoon
Kan een icoon ook mislukken, zodat je hem beter kunt weggooien?
“Er kan altijd iets fout gaan, zoals dat in het leven zelf het geval is, omdat
nu eenmaal niemand volmaakt is. Schilderen is ook een voortdurend aanbrengen
en eventueel wegwerken. Het is altijd mogelijk iets te veranderen.”
Is alles traditie bij het iconenschilderen?
“Iconen worden welbewust volgens de
traditie gemaakt. Voor elke voorstelling gelden voorschriften, die in ons geval
worden afgeleid van reeds bestaande voorbeelden. Schildersboeken, zoals we die
uit de geschiedenis kennen, functioneren hier niet als zodanig. En de praktijk
biedt weinig grote veranderingen. Dit in tegenstelling tot de gang van zaken
in het Westen, waar stijlen en motieven elkaar altijd hebben afgewisseld, gelijk
op met de profane kunst. De verschillen in perspectiefbehandeling zijn bekend.”
Is er een groot verschil tussen een
icoon en bijvoorbeeld een Antoniusbeeld?
“De icoon is noodzakelijk tweedimensionaal. Een sculptuur waar je omheen kunt
lopen, staat in de ruimte, en maakt zo deel uit van deze wereld. De icoon is
een plat vlak en is een venster met uitzicht op een andere wereld”.
Als
een muziekstuk
Bieden de voorschriften
nog enige vrijheid? “Er zijn natuurlijk
geen twee iconen hetzelfde. Je zou kunnen spreken van een vrijheid van interpretatie,
als bij een muziekstuk dat je steeds op een andere manier kunt spelen. Ook is
het zo dat er nog altijd heiligen bij komen. Je moet weten hoe heiligen moeten
worden afgebeeld, met herkenbare trekken, zonder dat er sprake is van een portret.
Orthodoxe kerken in het Westen kunnen besluiten plaatselijke heiligen van vóór
het schisma af te beelden.”
“Bepaalde trekken in motieven of de thematiek
kunnen in een gegeven periode op de voorgrond treden, en dit kan ook per land
verschillen. In Nederland is er de laatste tijd de tendens om terug te grijpen
op technieken van vóór 1700, omdat na die tijd allerlei dingen binnengeslopen
waren die afbreuk deden aan de oorspronkelijke vroegchristelijke inspiratie.”
Een
taal voor iedereen
Waar horen iconen thuis? “Allereerst in de kerk, waar ze deel uitmaken
van de liturgie, en vervolgens bij de mensen thuis, bijvoorbeeld in de iconenhoek,
voor de huiselijke liturgie.Op een tentoonstelling horen ze al minder thuis,
maar er kan oprecht gestreefd worden naar een stemmige sfeer, waarbij je kunt
denken de exposities in het Catharijnemuseum in Utrecht.” En verkooptentoonstellingen?
“Die liever niet, maar ze kunnen ook nuttig zijn om de iconen bij de mensen
te brengen. Elke tentoonstelling kan de mensen in contact brengen met iconen.
Tenslotte zijn er altijd werkplaatsen geweest waar iconen werden geschilderd
en winkeltjes waar je ze kon kopen. Als iconen pure belegging zijn, zijn de
grenzen overschreden.”
En horen ze alleen in orthodoxe kerken thuis? “Het wordt steeds
meer praktijk dat ze in katholieke en protestantse kerken een plek vinden. We
kennen de enigszins afgezonderde zijkapelletjes waar je voor de Maria-icoon
een kaars kunt opsteken. Het zou nog beter zijn als de icoon een plaats krijgt
in wat in de kerk gebeurt. Een opstandingsicoon bijvoorbeeld kan heel goed een
plaats krijgen in de hoek gewijd aan de overledenen. Op de icoon zie je een
reeks heiligen die tot leven zijn gewekt, een rij die in gedachte kan worden
uitgebreid met de overledenen van de parochie, van wie de votiefvoorwerpen in
de kerk hangen. Het maakt verder niet veel uit in wat voor kerk de icoon hangt.
De taal van de icoon is toegankelijk voor iedereen; we hebben hier een zekere
praktijk van de oecumene.”
Geert Hüsstege heeft zelf een icoon geschilderd voor de crypte van de
(rooms-katholieke) basiliek in Echternach, die door een Russische orthodoxe
archimandriet uit Aken werd gewijd, in aanwezigheid van vertegenwoordigers van
andere orthodoxe groeperingen.
De
kerk en de theologie
De Hüssteges zijn katholiek, met belangstelling voor de Byzantijnse liturgie.
Ze hebben een tijdje in de kapel van Johannes van Damascus in ‘s-Hertogenbosch
gekerkt (katholiek van de Byzantijnse traditie), toen ze daar nog in de buurt
woonden. Op het moment hebben ze niet een heel vaste plek. Ze erkennen zeker
de noodzaak van een kerkelijke organisatie, waardoor de gelovigen in de gelegenheid
zijn om samen te komen. De kerkelijke hiërarchie weerspiegelt ook de heilsgeschiedenis.
De verschillende kerken vullen elkaar aan, en zijn samen één.
Omarmt Geert een bepaalde theologie
van de icoon? “Van grote betekenis
is het geschrift van Johannes van Damascus, Tegen hen die de Heilige iconen
smaden , waar gelukkig, sinds 1968, een Nederlandse vertaling van bestaat,
die bovendien binnenkort toegankelijk is via de website van het Iconencentrum.
In dit geschrift worden de argumenten geformuleerd die werden gebruikt om het
iconoclasme te weerleggen, en wordt een fundament gelegd voor de theologie van
de iconen.”
In verband met de iconenstrijd citeert Geert
met instemming uit het voorwoord van Van der Meer op deze vertaling: «Soms moet
een vaas gebroken worden, wil de geur van het reukwerk, dat er in verborgen
was, het vertrek vervullen.»
Dolf
Bruinsma
Heleen Koesen
http://www.bisdomhaarlem.nl/nieuws/2007/iconenkruis.htm
4
Nieuwsblad van het Noorden:
Jezelf verliezen in eeuwige iconen |
Door Maaike Trimbach |
GRONINGEN De, Moeder Gods kijkt met een hand aan haar oor neer op de toeschouwer. "Alsof ze een mobieltje aan haar oor heeft", zegt Geert Hüsstege van Iconencentrum Leimuiden. Maar het gebaar duidt er op dat ze nadenkt en bidt. Normaal gesproken zou ze de hand moeten gebruiken om het hoofdje van het kind op haar schoot' te ondersteunen. Maar dat zweeft min of meer zelfstandig in de ruimte. Om aan te geven dat het geen gewoon kind is. "Russische iconen zitten vol symboliek", zegt Hüsstege. "Zo is het perspectief in veel iconen bewust verkeerd om. Niet na at de horizon, maar naar de kijker gericht. Zodat je erin verdwijnt en om te laten zien dat het aan de andere kant oneindig is." Hüsstege, iconenrestaurateur en -schilder, exposeert vandaag en morgen zo'n honderd iconen uit zijn collectie in de koffiekamer van de St.Jozefkathedraal. Oude iconen uit de zestiende, zeventiende en achttiende eeuwen nieuwe, door Hüsstege geschilderd. |
De iconenschilderkunst is een levende kunst, die juist door de val van het IJzeren Gordijn weer is opgebloeid. "Doordat er meer wordt gereisd, worden mensen over en weer beinvloed en geinspireerd. Daarom zijn er juist de laatste jaren weer veel prachtige iconen gemaakt."
5
De Heilige Willibrord op een nieuwe weg
Th. Walin in Luxemburger wort ,
zaterdag 20 november 2002
(vertaling Hüsstege-iconen)
Willibrord octaaf en hetgene wat de kerk in Luxenburg aan het hart gaat.
Het Willibrordus octaaf staat dit jaar in het teken van de verkondiging van Gods woord. Daarbij staat de evangelisatie op de eerste plaats. In het afgelopen jaar werd veel over het kerkmodel voor 2005 na gedacht en aansprekende structuren werden ontwikkeld welke op 1 oktober laatst-leden door aartsbisschop Fernand Fanck bij decreet vastgelegd werden. Deze structuren zijn geen hoofdzaak maar slecht hulpmiddelen om Christus woord beter te kunnen verkondigen.
Welke accenten wil deze nieuwe vorm van evangeliseren leggen. Welk voor-beeld kan het beste helpen de weg naar Christus te vinden. Het komt op het woord aan. Zoals ons altijd is voorgehouden. De kerk moet ook in onze tijd de boodschap van Christus opstanding als de vrome boodschap van de voleindiging van de mens ver-kondigen.
De mens als woning Gods vraagt om respect voor de mens. Hem het levens-brood te geven is een privilege dat opnieuw onze aandacht verdiend. Het is immers de weg naar bevrijding.
"Respect voor God is het begin van wijsheid " vermaant de psalmist.
De mens wil leven. Zijn levensgevoel is bijzonder sterk. De levensbewuste mens zal geholpen worden door hem die van zich zelf zei :"Ik ben de weg, de waarheid en het leven.
De weg van de mens naar God is een bevrijdende verlossing in deemoedige acceptatie." Heer ik ben niet waar-dig..." Willibrord is deze weg naar de mensen gegaan. En vooral weer in onze tijd, licht zijn gestalte opnieuw op als beschermer en bevorderaar van de eenheid en vergeving, van vrijheid en vrede. Hij staat helpend op de weg die voor deze nieuwe eeuw een van de belangrijkste wegen is. "Allen zullen een zijn. Zoals Gij Vader in mij zijt en ik in Uw."(Joh .17 -21)
In 1908 werd St.Willibrord door vertegenwoordigers van de Anglikaanse kerk uitgeroepen als patroon in hun dialoog met de Oud Katholieke kerk. Dit had plaats in Londen en woordvoerder was de geestelijke Georg Barker.
Dat men toen van Anglikaanse zijde St. Willibrord voordroeg is verwonderlijk, want pas bijna 100 jaar later, in 2001 werd deze officieel in de Anglikaanse liturgische kalender opgenomen.
Hoewel het contact voor het eerst plaats had met de Nederlandse Oud katholieke kerk werd Willibrord het bindmiddel tussen de Anglikanen en de Oud katholieken, die in 1931 samen het St. Willibrord gezelschap oprichtten. Afdelingen van dit gezelschap zijn inmiddels gevestigd in acht Europese landen en in Noord Amerika. Dit St. Willibrord gezelschap mag men niet verwisselen met de in Nederland gevestigde St. Willibrord vereniging, die in 1896 werd opgericht. Sedert 1948 werd de dialoog tussen de Katholieke kerk in Nederland en de overige Christelijke kerken geïn-tensiveerd. Sinds 1980 zijn ook internationaal deze contacten versterkt. St Willibrord is nu schutspatroon in de dialoog tussen Anglikanen en Oud Katholieken, de Katholieken en andere Christelijke kerken. En sinds 2001 tevens met de Oosters kerken, waarbij samen gewerkt wordt met de Vereninging voor Oecumene Atha-nasius en Willibrord. De Nederlandse katholieke kerk heeft daarbij een pioniers rol gespeeld.
Willibrord verering in de Orthodoxe kerk. Het begin.
Vanuit het Belgische klooster Chevetogne is begonnen met de dialoog tussen katholieken en orthodoxen. Al geruime tijd gaan van daaruit im-pulsen uit om een betere wederzijdse verstandhouding te bevorderen. De eerste stap daarbij was het verspreiden van icoon afbeeldingen in het bijzonder de Moeder Gods van Wladimir en de Drievuldigheid door Rublew. Een volgende stap was de opname van Westerse heiligen in liturgie en iconografie. Tot deze heiligen behoort ook de Heilige Willibrord, onder andere in commentaar en gebed die werden opgenomen in de nieuwe Synecdimos die de Apostolische Diakonie in Parma in 1997 in de Franse taal uitbracht. De Nederlandse vereniging Athanasius - Willibrordus werkt steeds meer aan een grensoverschrijdende oecumenische samenwerking met de Oosterse kerken terwijl in Noord Amerika die zelfde trend valt waar te nemen.
Verschillende orthodoxe- en katholieke kloosters hebben zich als doel gesteld de geschiedenis van de westelijke heiligen voornamelijk uit de Iers - Engelse streken in de iconografie op te nemen. Daarvan werden al iconen vervaardigd en via postkaarten verspreid. Deze ontwikkeling is o.a. een gevolg van het groeiend contact tussen de orthodoxe- en christelijke-kerken als gevolg van de sedert 1917 begonnen emigratie. Het vormt nu een teken van dankbare verbondenheid.
De Heilige Willibrord in de iconografie
Een icoon wordt niet geschilderd maar volgens de algemeen geldende regel der iconograaf, geschreven. Men spreekt daarom ook niet van icoonschilders maar van iconografen. De verbreiding van iconen, wordt vooral door abdijen en kloosters ver-zorgd.
Een icoon van St. Willibrord is een gebeurtenis op zich. Saweljew schrijft:"De icoon is ons geboren uit Gods liefde, en door onze liefde tot God leeft hij".
Welke iconen van Willibrord zijn ons bekend? De mogelijk oudste Willibrord icoon bevindt zich in het Russich orthodoxe klooster St.Hilarion in Austin (Texas V.S). Dat klooste bezit nog een tweede icoon en wel in een deur van de iconostase. Dat betekend dat Willibrordus naast als heilige ook als een bijzondere schutspatroon van het klooster wordt vereerd.
Dit klooster is inmiddels in het bezit van een verzameling van 205 westerse heiligen. De mogelijkheid bestaat, dat zich in Noord Amerika nog andere Willibrord iconen bevinden. In de U.S.A. zijn immers meerdere iconografen actief.
De derde bekende Willibrord icoon stamt uit Nederland en werd door de kunstenares Lidy Shuh in 1980 gemaakt voor een parochie in de omgeving van Beilen. Het Apostolaat voor de Oosterse kerken liet hiervan een postkaart maken die grensoverschrijdend werd verspreid. Willibrord is er afgebeeld als monnik en aardbisschop. De kleuren zijn willekeurig gekozen.
Een vierde Willibrord icoon bevindt zich in het Duitse Traben-Trarbach /Kautenbach in het daar gevestigde iconencentrum. Alexey Alexandrowitch Sawejel (1918/1996), een der grootste iconografen van Europa, bracht hier ongeveer 150 iconen van de Oosterse kerk bijeen waaronder ook enige heiligen uit West Europa.
Waarbij naast Willibrordus, ook Bonifatius, Brenedictus,Vecent van Lerin, St Martinus en Franciscus van Asisie. Mogelijk kwam Salejew naar Echternach voor documentatiemateriaal.
De vijfde St.Willibrord ikoon stamt van iconograaf Geert Hüsstege. Deze vormt een drijvende kracht bij het herstellen en restaureren van ikonen. Zijn werk staat in dienst der oekumenische vereniging Athanasius en Willibrordus. Vijf jaar geleden vervaardigde hij een Willibrordus icoon voor de parochie van St. Willibrord in het nabij Breda gelegen St. Willibrord. De zesde Willibrord icoon werd in 2002 voor de kerk van Echternach gemaakt plus vier kleinere die op 7 November worden aangeboden. De Willibrordus -ikoon van Geert Hüsstege zal waarschijnlijk het model van alle Willibrordus-ikonen worden. In de Iconografie zijn er immers voor iedere heilige eign voorstellingswijzen. Door zijn zuivere techniek,het geestelijke invoelingsvermogen en de kleurkeus heeft de iconograaf G. Hüsstege een icoon geschapen die brug tussen religies kan zijn.
Zegening en overdracht van de Willibrord iconen op 7 November
In overleg met de aardsbisschop en de Vicarus generaal, worden op 7 november tijdens een liturgische vie-ring, vijf iconen gezegend en vier daarvan aan vertegenwoordigers van oosterse kerken die momenteel in Luxemburg gevestigd zijn, aangeboden. Dit zijn de Grieks-orthodoxe kerk, de Roemeense ort-hodoxe kerk, de Russich orthodoxe kerk en de Servisc orthodoxe kerk. De Willibrord iconen waarvan de hoofdicoon in de basiliek blijft, dienen als vriendschapsband tussen genoemde kerken en de Katholieke kerk. De Willibrord icoon zal in het heiligdom (in de crypte) de verbondenheid in de Gods- en heiligen verering verbeelden. De zegening der iconen wordt uitge-voerd door de Russische mandriet Joseph Pustoutof.
De aankondiging van deze viering kreeg in Nederland bijzondere aandacht. Eeen groep pelgrims zal aanwezig zijn en onder hen de Secretaris generaal van de oekumenische vereniging Athanasius en Willibrordus. De oecumenische arbeid wordt voor de Christelijke kerken van Europa een der hoofd activiteiten van deze eeuw. Met de uitbreiding van de Europese gemeenschap met landen uit het oosten, ontsaan hiervoor nieuwe mogelijk-heden. De oecumenische dialoog zal zich verbreiden. De gestalte van Willibrordus als schutpatroon met Athanasius moet in heel Europa in een nieuwe glans stralen. Aan het graf van deze heilige zijn wij verplicht de ons gestelde opgave te zien en uit te voeren. Deze oecumenische arbeid wordt ons "ora et labora" Moge de heilige Willibrord ons allen daartoe een gelukkige hand bieden. In deze zin willen wij ons aan God toevertrouwen. Met Willibrord gaan we een nieuwe weg en wel in "Dei nomine feliciter".
6
Wijding en Willibrord, Tekenen van Eenheid
|
Geert Hüsstege
|
7
8
9
10
http://www.eikonikon.nl/bulletin/2004/leimuiden.php
11
http://www.larensbehoud.nl/internet/rss/readItem.asp?itemID=519
12
http://chartaoecumenica.nl/Agenda/Bestanden/2006-05-19%20Kip%20en%20het%20ei%20probleem.doc
13
http://www.udenhout-centraal.nl/news.asp?id=000000168&ftmod=news_000000001&index=no
14 Brabants Dagblad
A
De heiligen van Geert Hüsstege
door Marcel Linssen. zaterdag 07 juni 2008
Tekstgrootte
HAAREN - De iconen bij de Haarense iconenschilder Geert Hüsstege stralen
vooral rust uit. Ze ogen veelal klassiek, maar toch ook weer modern.
Op tafel een groot bronzen kruis, met christusafbeelding. Ook een icoon. De sfeer in de niet al te grote kamer aan de Haarendijk is er een van kalmte, onthaasting. Een rust die door de iconenschilder en restaurateur wordt overgenomen. Hüsstege is een man van voldoende woorden, niet te veel, niet te weinig.
Zo'n zeventien jaar is hij actief in zijn vakgebied. Een periode waarin Hüsstege is uitgegroeid tot 'n heus specialist. Hij wordt gevraagd voor exposities, maar ook voor cursussen en lezingen, onder meer in het Luxemburgse Echternach.
Daar was tijdens de pinksterdagen de heilige Willibrord, tussen 695- 739 aartsbisschop der Friezen, onderwerp van een lezing van Hüsstege. Waarmee meteen blijkt dat het bij iconen niet alleen gaat om afbeeldingen uit de Grieks- of Russische-Orthodoxe kerk. " Iemand die iconen schildert bedient zich altijd van plaatselijke heiligen. Van heiligen in het land waar hij zich bevindt", benadrukt Hüsstege.
Willibrord is een van die personen, net als overigens diens opvolger bisschop Bonifatius, die van 739-754 de scepter zwaaide in de kerkelijke Nederlanden. En dan is er nog de Nijmeegse karmeliet Titus Brandsma, die in 1942 in het concentratiekamp Dachau om het leven kwam. Van die laatste heeft Hüsstege een icoon gemaakt in opdracht van het Titus Brandsma Museum in Bolsward. " Hij was een vurig verdediger van de waarheid en kwam in de tweede wereldoorlog op voor de persvrijheid. Daarom is hij ook afgebeeld met een krant in zijn handen."
De volgende Nederlandse heilige die Hüsstege graag wil 'schrijven', zoals dat bij iconen heet, is Tilburger Peerke Donders.
Als kind van pakweg tien jaar kwam Geert Hüsstege in aanraking met iconen toen zijn oom ergens in de jaren zeventig in de antiekzaak een expositie organiseerde rond iconen. "Ik vond die prachtig, Niet dat ik er toen iets van begreep, maar die afbeeldingen maakten indruk. Soms waren het vreemde voorstellingen, een beetje hoekig, maar het had iets mystieks. En dat pakt je als kind toch."
De jaren erna lag er altijd wel ergens een icoon in huize Hüsstege zodat de fascinatie bleef broeien. Hüsstege bezocht de schildersschool in Boxtel - tegenwoordig SintLucas -, toog naar Wenen en Rusland om meer te weten te komen over iconen en ontpopte zich als restaurateur en later schilder.
Anno 2008, inmiddels 41 jaar, is bij Hüsstege die liefde voor iconen nog even levend. Hij koopt en verkoopt, restaureert en schildert. Bijna een manier van leven, "en nog steeds niet puur zakelijk", geeft hij toe.
"Ik begrijp nu beter het hoe en waarom van iconen. Een icoon laat een mensbeeld zien van God, van Christus. Op een icoon staat niet de persoon van een heilige maar het geestelijke. Bij Titus Brandsma probeer ik met diens gelaatsuitdrukking en het aureool uit te drukken dat hij Christus verbeeldt."
Gaat in het westen de geloofsbeleving vaak niet veel verder dan het opsteken van een kaarsje, in oostelijk Europa hoort de icoon echt bij het geloof. " Dat zie je ook bij de mensen thuis. Vaak zie je al een icoon als je binnenkomt. Die staat of hangt met het gezicht naar de deur. Het idee is dat je als vriend wordt begroet", zegt Hüsstege. Door de jaren heen begint Hüsstege meer een eigen stempel te drukken op zijn werk. De eerste schets is van zijn hand, maar ook de laatste van de pakweg 30 verflagen op de icoon. " Er is een aantal ongeschreven regels voor het maken van iconen. In boeken worden die regels steeds weer anders uitgelegd. Dus daar heb je niets aan. Wat ik doe is kijken naar voorbeelden en eigen combinaties maken. Picasso zei ook al altijd: 'Een echte kunstenaar steelt bij het leven'." Geert Hüsstege geeft vandaag en morgen een expositie in ontmoetingscentrum 't Plein in Udenhout. Beide dagen is die van 11.30 tot 17.00 uur geopend.
http://www.brabantsdagblad.nl/regios/denbosch/3238231/De-heiligen-van-Geert-Husstege.ece
B
Iconen nu naar Rusland
door Marcel Linssen. woensdag 04 juni 2008 | 17:52
Tekstgrootte
HAAREN - Iconenschilder Geert Hüsstege heeft klanten uit Dubai en Rusland,
maar heeft ook al een icoon geleverd aan het Nederlandse koninklijke huis.
Een huwelijkscadeau in 2002. Zeer waarschijnlijk hangt dit nu ergens aan een muur in Wassenaar.
Vanuit Dubai vragen ze Hüsstege om raad voor restauraties, terwijl dit voorjaar Russische opkopers binnenliepen om te kijken wat hij zoal in huis had. "Hij zocht de wat grotere, meer bijzondere, stukken", vertelt Hüsstege. Stukken die inmiddels waarschijnlijk al verhuisd zijn naar het land van oorsprong, Rusland. Dat enkele hoge Russische geestelijken oproepen hebben gedaan om geen iconen meer naar het buitenland te laten 'verhuizen', is volgens Hüsstege wel te merken in het aanbod. Zelf houdt hij zich het liefst bezig met iconen 'schrijven', en met het maken van bronzen reisiconen.
Een van zijn grotere projecten is momenteel het maken van acht iconen met scènes uit het leven van Maria, bestemd voor een kerk in Nijmegen. Daarnaast maakt hij voor de vereniging voor oecumene in Den Bosch een paulusicoon met voorstellingen uit het leven van Paulus.
In principe beschikt Hüsstege over een trouwe klantenkring die met enige regelmaat neerstrijkt aan de Haarendijk in Haaren. Of, komend weekeinde, in ontmoetingscentrum 't Plein aan het Tongerlo- plein in Udenhout. Hier kunnen bezoekers zaterdag en zondag onder genot van een drankje en een hapje - "mensen rijden toch vaak een flink stuk - de tentoongestelde iconen te bekijken. Beide dagen iopen van 11.30 tot 17.00 http://www.brabantsdagblad.nl/regios/meierij/3224196/Iconen-nu-naar-Rusland.ece
14
Brandsmamuseum krijt ikoan
It Titus Brandsmamuseum yn Boalsert hat freed in ikoan fan de sillich ferklearre
Brandsma krigen. De ikoan is skildere troch Geert Hüsstege. Twa partikulieren
ha it inisjatyf foar it skilderij nommen.
Brandsma is ôfbylde yn in tradisjoneel Karmelhabyt. Hy hat as attributen in Byzantyns krús en in krante by him. Dat lêste ferwiist nei syn striid foar frijheid fan mieningsuterjen. Brandsma is yn 1942 yn Dachau stoarn.
http://www1.omropfryslan.nl/Mear_Nijs_24482.aspx
iconenexpositie Eindhoven 2009NEW!